| Contact | Bestuur | Sponsors | Ledenlijst | Gratis voor leden |
LEDEN
Login
Paswoord

Paswoord vergeten?

Ik ken VEPEC al van voor VEPEC bestond.

Wie zegt dit over VEPEC?
 
 
 
 
N.a.v. het VEPEC-event
De Beste reclamefilms van Cannes & Uitreiking Gouden Welp, 8 oktober Fakkelteater Antwerpen
 
De Gouden Welp op de site van De Lijn
 
Het Nieuwsblad Klik hier.
De Standaard Klik hier.
Nieuws.be Klik hier.
Het Laatste Nieuws Klik hier.
De Morgen Klik hier.
4 Nieuws Klik hier.
Newswhip Klik hier.
Kortom Klik hier.
Kmo-insider Klik hier.
Belg.be Klik hier.
Zita.be Klik hier.
Nieuwdsdump Klik hier.
Lokaal nieuws Klik hier.
Radiovisie Klik hier.
PUB Klik hier.
N.a.v. het VEPEC-event
De Beste reclamefilms van Cannes & Uitreiking Gouden Welp, 5 oktober Fakkelteater Antwerpen
PUB-artikel over Amsterdamse winnaar Cannes 2011. Klik hier.
N.a.v. het VEPEC-event
VEPEC’s Praatcafé op 01.03.12 in Foyer van de Bourlaschouwburg
De nieuwe hoofdredacteur van de VRT-nieuwsdienst, Luc Rademakers, nam donderdagavond met andere praatgasten van o.m. de directie van Concentra Media, deel aan een debat in Antwerpen. RadioVisie keek en luisterde op het jaarlijkse praatcafé van de Vereniging voor Promotie en Communicatie (VEPEC) ter plaatse mee. Lees meer op radiovisie.eu

Enkele kopstukken uit de Vlaamse mediawereld, zoals Concentra's directeur radio en tv, verzamelden donderdag in Antwerpen op het jaarlijkse praatcafé VEPEC.
Lees meer op radiovisie.eu

N.a.v. het VEPEC-event
VEPEC’s Praatcafé op 01.03.11 in Foyer van de Bourlaschouwburg
"Openbare omroep zit stevig verankerd in Vlaamse harten".
De Morgen.be
Openbare omroep stevig verankerd in het hart van de Vlaming.
Knack.be
Affaire Bracke tast geloofwaardigheid VRT Journaal aan.
DeWereldMorgen.be
De Vlaming houdt van zijn openbare omroep.

RadioVisie.eu
Vepec's praatcafé focust op Vlaams audiovisueel medialandschap.
N.a.v. het VEPEC-event
De Beste reclamefilms van Cannes & Uitreiking Gouden Welp, 5 oktober Fakkelteater Antwerpen

Normaliter zouden we hier alle weblinks afdrukken waarvan sprake over "De Gouden Welp 2010", maar aangezien het er onnoemelijk véél zijn, vragen we u om zelf eens te gaan googlen op de combinatie "gouden welp+badjas" (bijna 450 resultaten!).
Naast vermeldingen met foto's en weblinks in alle online kranten, in e-zines, in nieuws-, media- & showbizzsites, blogs, facebook, twitters... waren er ook nog artikeltjes in de gedrukte versie van alle kranten en Metro, en vermeldingen op Studio Brussel, 4 FM en Q Music.




Vepec’s Gouden Welp 2010

(ontwerp Paul Van Hees).
Foto Milo Profi.
Hieronder ook nog 2 verslagen van dewereldmorgen.be:
Gouden Welp van de reclame voor VVL/BBDO

Gouden Welp voor 'Who took my badjas', beste Belgische reclamespot 2010
 
N.a.v. het VEPEC-event
Hoe reclame werkt zonder dat je het weet, en hoe je het meet op 18 maart in het Fakkeltheater in Antwerpen

PUB, 29.04.10, door Wim De Mont

Onbewuste beïnvloeding in de reclame (PDF)

N.a.v. de VEPEC-avond
Praatcafé Goedele
op 2 februari in Bourla Schouwburg

Uit Apache News Lab, door Tom Cochez.
“Journalisten moeten zelf verantwoordelijkheid durven nemen”

Is de doorgedreven commercialisering dodelijk voor de journalistiek? Wat vinden trendwatchers en marketingspecialisten? Hoe denken adverteerders? Welke nieuwe trends overrompelen de wereld van communicatie en marketing? De antwoorden op die vragen waren donderdagavond te horen in praatcafé Goedele, in de Antwerpse Bourla Schouwburg.

Om en bij de vijftien specialisten debatteerden donderdagavond in de foyer van de Bourla Schouwburg in Antwerpen over tal van hot topics binnen de wereld van media en communicatie.

Door de snelle opeenvolging en de diverse inhoud van de debatten had het hele opzet soms wat weg van een avondje speed dating met moderator Goedele Devroy, maar het tempo en de afwisseling maakten wel dat de discussies nooit verveelden.


Goedele Devroy liet in de Bourla tal van specialisten hun zeg doen over de toestand van de media.

Vrouwelijke waarden
Onderwijsminister Pascal Smet (sp.a) mocht de spits afbijten en stond vooral stil bij de opname van ‘mediawijsheid’ in de eindtermen van het secundair onderwijs. Bedoeling is dat scholieren in de toekomst niet enkel technieken aangereikt krijgen maar ook leren om kritisch te staan tegenover de inhoud van kranten en journaals.

Trendwatcher Fons Van Dijck bespeurde daarna een trend naar meer ecologisch en sociaal ondernemerschap. De tijd van de graaicultuur en de bonussen ligt volgens Van Dijck definitief achter ons. Bedrijven die inzetten op nieuwe ecologische technieken en klassiek vrouwelijke waarden in hun management brengen, zijn de toekomst. Een prille evolutie die ook haar weerslag zal hebben op het communicatie- en marketingbeleid van ondernemingen.

Direct marketing
Jo Caudron, stichter van Dear Media en gespecialiseerd in sociale netwerksites, verwacht dat bedrijven in de toekomst massaal Facebook zullen gaan gebruiken om via die weg op subtiele manier reclame te maken. Facebook kondigde een tijdje terug aan dat bedrijven hun ‘direct marketing’ via het sociale netwerk zullen kunnen voeren. Caudron gaf daarbij het voorbeeld van Nokia, dat vandaag wereldwijd al zo’n 700.000 Facebookfans telt. Voor adverteerders is zo’n select publiek gefundenes Fressen.

Bert Claerhout, hoofdredacteur van Kerk & Leven, toonde zich daarna geen bijzonder grote fan van de nieuwe Belgische aartsbisschop André-Joseph Léonard. Maar, zo stelde de hoofdredacteur hoopvol: “Kerk en geloof overleven wel een aartsbisschop.”

Passend in het opzet van de avond had Bert Claerhout ook een communicatieboodschap voor de nieuwe Belgische kerkleider. “Léonard komt zeer graag in de media. Misschien zelfs wat te graag. Onze nieuwe aartsbisschop had er beter aan gedaan om even te zwijgen na zijn aanstelling en zich te bezinnen vooraleer nieuwe uitspraken te doen.”

Roger Van Houtte (ex-journalist GVA):
‘Nieuws wordt zeer emotioneel gebracht. Als ik in De Standaard naar aanleiding van de moorden in Loksbergen de kop ‘Bang wachten op nog erger’ lees, dan wil ik al niet meer verder lezen’

Glad juridisch ijs
Daarna was het de beurt aan Katia Segers, directeur van het Centre for Studies on Media & Culture (VUB), en Filip Voets, secretaris-generaal van de Raad voor Journalistiek, om een boompje op te zetten over burgerjournalistiek.

Beide sprekers belichtten de voor- en nadelen van wat ‘user generated content’ is gaan heten. Meer kritische stemmen betekenen een verrijking voor de democratie, maar vaak beseffen mensen die teksten op het net publiceren niet dat ze zich op glad juridisch ijs begeven.

De Raad voor Journalistiek heeft intussen een richtlijn geschreven over hoe journalisten om kunnen gaan met die ‘user generated content’. Redacties krijgen door die recente evolutie veel meer info en tips binnen. Daar kan een journalist zijn voordeel mee doen, maar de info dient wel te worden beschouwd als informatie die moet gecheckt worden.

Conservatiever
Helaas gebeurt dat niet altijd en loopt het soms gruwelijk fout. Volgens Filip Voets moeten zware journalistieke fouten zoals het ‘I Have News’-incident bij persagentschap Belga, waarbij een kwakkel over de dood van koningin Fabiola werd verspreid, koste wat het kost vermeden worden om de geloofwaardigheid van de journalistiek veilig te stellen.

Katrien Bottez , creatief directeur bij Duval Guillaume constateerde dan weer dat ‘klassieke reclame’ niet langer werkt. “De doelgroep is niet meer zo makkelijk te vinden en dat plaatst ons voor een nieuwe uitdaging. We moeten op zoek naar nieuwe manieren en nieuwe technieken om te communiceren.”

Belgacom gelooft bij monde van zijn vicepresident marketing Kris Vervaet wel in die nieuwe vormen van marketing en advertising, maar is er van overtuigd dat het een werk van lange adem wordt. Adverteerders denken vaak conservatiever dan communicatie – en marketingbureaus.

Kleinere spelers
Daarna was het de beurt aan Gabriel Fehervari, CEO van Alfacam, om zijn licht over het toekomstig medialandschap te laten schijnen. Over een jaar of vier zal er volgens Fehervari nog maar weinig overblijven van de media zoals we die vandaag kennen. Print, radio en televisie zullen volgens hem verdwenen zijn. Grenzen zullen verder vervagen.

De rol van de VRT in dat nieuwe kader moet volgens verschillende sprekers grondig overdacht worden. Kristof Demasure, woordvoerder van SBS, stelt een blokkage vast in het huidige audiovisuele landschap. Een zeer grote publieke omroep en één grote commerciële speler verdelen netjes de markt, waardoor kleinere spelers nauwelijks dynamiek in de markt kunnen brengen.

Vooral de VRT-website deredactie.be dreigt in de toekomst voor problemen te zorgen. Volgens mediacriticus en hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde Geert Buelens is het haast onvermijdelijk dat online nieuws op termijn betalend wordt. Voor deredactie.be, betaald met belastinggeld, kan van de belastingbetaler moeilijk nogmaals geld gevraagd worden. Nochtans zou een grote gratis speler kleinere betalende initiatieven de das kunnen omdoen.

Kers op de taart
Ook volgens Wim Van Severen, mediaconsultant en voormalig netmanager van TV 1, hebben we, ondermeer daarom, nood aan een preciezere omschrijving van de opdracht van de VRT. Dat zou, volgens Van Severen niet alleen goed zijn voor de VRT maar ook voor commerciële zenders.

De kers op de taart was een debat tussen Peter Vandermeersch, algemeen hoofdredacteur van Het Nieuwsblad/De Gentenaar en De Standaard, Geert Buelens, Filip Voets, Georges Timmerman, hoofdredacteur van De Werktitel, en Roger Van Houtte, ex-journalist van Gazet van Antwerpen en medeauteur van het boek Media & journalistiek in Vlaanderen kritisch doorgelicht. Het debat werd opgehangen aan het kerstessay ‘tot de vierde macht’ dat Geert Buelens in De Standaard schreef.

Volgens Geert Buelens lijdt de kwaliteit van nieuws onvermijdelijk onder het veranderde kader waarbinnen het vandaag gebracht wordt. “Nieuws wordt enkel in theorie nog gebracht om lezers goed te informeren en te betrekken bij het democratisch proces. De echte reden waarom nieuws vandaag wordt gebracht, is om klanten te winnen.” Dat fenomeen beperkt zich volgens Geert Buelens overigens niet tot onze landsgrenzen.

Marketingjongens
Peter Vandermeersch stelde de zorg van Geert Buelens over de verregaande commercialisering te delen, maar vreest de veralgemening. “Een van de zorgen is bijvoorbeeld dat er minder aandacht zou zijn voor buitenlandjournalistiek. De waarheid is dat De Standaard vandaag twee maal zoveel buitenlandberichtgeving heeft als vijftien jaar terug. Ik ontken het probleem niet, maar we zijn nu wel veel beter af dan vijftien jaar geleden.”

Georges Timmerman volgde de analyse van Geert Buelens wel. “De commercialisering is duidelijk te ver doorgedreven. We zijn aangekomen op het punt dat de geloofwaardigheid van de media in het gedrang is.” De schuld daarvoor ligt volgens de hoofdredacteur van De Werktitel bij de journalisten zelf. “Knack-directeur Rik Van Cauwelaert heeft ooit gesteld dat het de stomme schuld van de journalisten zelf is. Wij hebben toegelaten dat marketingjongens de zaak hebben overgenomen. Fundamentele beslissingen worden vandaag niet meer genomen op journalistieke gronden maar op basis van commerciële overwegingen.”

Emotionele hype
Peter Vandermeersch, in 2007 zelf nog verkozen tot Marketeer van het Jaar, was het grondig oneens met die stelling. Volgens Vandermeersch staat er geen gelijkheidsteken tussen ‘meer kranten verkopen’ en ‘commerciëler denken’, integendeel. “Als ik meer kranten verkoop dan kan ik meer journalisten aanwerven en dat zorgt voor betere kranten.”

Roger Van Houtte vond in De Standaard dan weer weinig terug van het betoog van de hoofdredacteur. “Ik stel vast dat alle kranten, niet alleen De Standaard, van de ene emotionele hype in de andere rollen. Nieuws wordt zeer emotioneel gebracht. Als ik in De Standaard naar aanleiding van de moorden in Loksbergen de kop ‘Bang wachten op nog erger’ lees, dan wil ik al niet meer verder lezen. Tussen de berichtgeving over het ingestorte appartement in Luik zie ik de kop ‘Ze hebben nog een halve dag geleefd’. Over Haïti heb ik goede dingen gelezen, maar ook daar werd soms zeer emotioneel over geschreven.”

Onvoldoende gecheckt
De analyse van Roger Van Houtte werd grotendeels bijgetreden door Filip Voets, die aansluitend het voorbeeld van de gebeurtenissen in Kuregem gaf. Maar Voets verklaart die evolutie niet enkel door de doorgedreven commercialisering. Ook de digitalisering en de snelheid, eigen aan het internet, dragen volgens de secretaris-generaal van de Raad voor Journalistiek bij tot steeds snellere verhalen die vaak ook onvoldoende gecheckt worden en een eigen leven gaan leiden.

Het rondje oplossingen dan. Voor Geert Buelens wordt het tijd dat de overheid ingrijpt door op een voorwaardelijke manier fondsen ter beschikking te stellen. “De media dienen vandaag de democratisering niet meer. Door onder voorwaarden geld te geven, kan je bereiken dat de media de democratisering opnieuw dienen.”

Georges Timmerman toonde zich daar geen tegenstander van, maar meent dat een deel van de oplossing ook van de journalisten zelf moet komen. “De huidige evolutie is te keren, maar dan moeten journalisten zelf hun verantwoordelijkheid durven nemen. Het is uiteindelijk hun naam die onder een stuk verschijnt. Ze hebben de mogelijkheid om neen te zeggen tegen een opdracht die indruist tegen de journalistieke deontologie.”

VEPEC’s Gouden Welp, beste Belgische reclamespot 2009 gaat naar LDV United


Gisterenavond werd ‘Vepec’s Gouden Welp’, of de beste Belgische reclamespot 2009 uitgereikt aan reclamebureau LDV United uit Antwerpen voor de clip ‘Leven in Antwerpen’ in opdracht van de Stad Antwerpen. Klik hier. Op de tweede plaats eindigde Duval Guillaume met ‘Milk Man’ (in opdracht voor Mercator) en op de derde plaats LDV United met ‘Crush’ (voor IDA/Druglijn.be). Alle deelnemende spotjes zijn nog te bekijken via deze link.


 

Na projectie koos het aanwezige Vepec-publiek in het Fakkelteater De Gouden Welp uit Belgische inzendingen die eerder deze zomer werden ingezonden voor het jongste ‘Internationaal Reclamefestival van Cannes 2009’. Vooraf kon ook reeds éénmalig gestemd worden via www.vepec.be.


Die stemmen werden dan samengeteld met die van het aanwezige publiek, dat ook nog de beste internationale reclamespots van Cannes 2009 te zien kreeg, de zogenaamde Bronzen, Zilveren en Gouden Leeuwen.



Vepec’s Gouden Welp werd gisteren voor de 13e keer uitgereikt, ditmaal met een beeldje van Ida De Roy (zie foto). VEPEC staat voor Vereniging voor Promotie En Communicatie, waarvan de leden komen uit de wereld van reclame, marketing, events, P.R., drukkerijen en uitgeverijen.

 
 
Op foto: Kris Lenaers (art director) & Melanie Daems (copy) van LDV United met Vepec’s Gouden Welp.
Foto credits: Elise Crispeels (vrij van copyright)
 

Online pers Gouden Welp n.a.v. uitreiking Gouden Welp 2009 op 21 oktober, Rode Zaal, Fakkelteater Antwerpen

- PUB
- Het Belang van Limburg
- Express
- De Standaard
- Het Nieuwsblad
- Gazet van Antwerpen
- Radiovisie.eu
- MT.Nieuws
- NOORDlink
- Mediablog
- actua, media, communicatie (@3CC@3PR)

N.a.v. de VEPEC-avond
De Vrouwen van Vepec staan hun mannetje
op 22 april in Rode Zaal van het Fakkelteater

Uit PUB e-zine, 23 april 2009, door Seger Bruninx.

Woensdag 22 april vond “De Vrouwen van VEPEC staan hun mannetje” plaats, de enige avond van de vereniging waar alleen vrouwen het woord hadden. De mannen mochten luisteren.

An Olaerts, krantenjournaliste, blogger en columniste bij Vacature, beet de spits af met een pittige kritiek op Federaal Minister van Defensie Pieter De Crem. Ter herinnering: de minister eiste met succes het ontslag van een serveerster die hem in haar blog niet alleen van drank- maar ook van verbaal misbruik beschuldigde. Na An Olaerts’ satire ging Sabine Clappaert, directeur van Muse Communication, aan de slag met het ernstigere werk. Zij somde vijf goede redenen op voor het bestaan van vrouwenbureaus. Voor de goede verstaanders zette ze de verschillen tussen vrouwen en mannen nog eens in de verf. Mannen zijn jagers, en vrouwen verzamelaars. Opvallend was haar kritiek op de traditionele marketingterminologie. Die is achterhaald en daarom op zijn minst gedeeltelijk irrelevant. Helaas zweren reclamebureaus nog bij de klassieke rollenmodellen. Creatieven zijn zo goed als altijd mannen. Het gebrek aan evenwicht in de reclame weerspiegelt het gebrek aan evenwicht in de maatschappij. Nochtans: “Niet de gelijkenissen maar de verschillen tussen mannen en vrouwen maken het leven spannend en plezierig.” Dat straalde alvast Ine Mariën van het gelijknamige bureau uit. Zij pleitte voor een betere verstandhouding tussen marketing en pr, zowaar volgens de principes van het boeddhisme. Onwetendheid, gehechtheid, afkeer, jaloezie en trots blokkeren ook de communicatie in de… communicatiesector. Het recept? Samenwerking. Daarvoor zijn meer dan ooit generalisten nodig die niet lijden aan de vijf bovengenoemde euvels. Greet Santy vervolgde als netmanager van MNM met een verhaal hoe het wél kan, over de oprichting en ontwikkeling van de nieuwste hitzender van de VRT. Die geeft met MNM de radio terug aan de luisteraar, onder meer met “liekes voor miekes”. De luisteraar heeft bij MNM het laatste woord: “Don’t overestimate the power of marketing,” concludeerde Greet Santy.

Lingerieontwerpster annex dj Murielle Scherre maakte indruk vooral met haar gebektheid. Net als An Olaerts viel ze scherp uit tegen de terugkeer van de censuur in het land. Murielle Scherre zou Murielle Scherre niet zijn als ze geen pikant detail in petto had. Ze beloofde, exclusief voor VEPEC, dat ze zélf de “schattigste porno aller tijden” zou draaien die Studio Brussel nooit durfde te brengen. Misschien vindt ze haar financiering wel bij Marina De Moerlooze: de director communication van Febelfin toonde aan de hand van statistieken aan dat het met het vertrouwen in bankiers lang niet zo erg gesteld is als de media beweren. Het vertrouwen zal dan wel wederzijds zijn! Saskia Schattteman sloot de rij sprekers af met een spreekbeurt over de zin en onzin van prijzen. Simone Milsdochter, percussioniste van Bazaar, sloot de avond af met een daverend concert.

N.a.v. de VEPEC-avond
Goedele's Praatcafé
op 3 maart in Bourla Schouwburg

Uit PUB e-zine, 4 maart 2009, door Seger Bruninx.

VEPEC-avond uiteindelijk een succes
Het Praatcafé van VEPEC ging dinsdagavond 3 maart kabbelend van start maar sloot af met een climax: in een pittig debat gingen Prof. Dr. Karin Raeymaeckers, Vlaams minister-president en mediaminister Kris Peeters, nationaal secretaris van de Vereniging van Beroepsjournalisten Pol Deltour en Roularta’s afgevaardigde bestuurder Rik De Nolf in de clinch over de crisis en reorganisaties in de media. Guillaume Van der Stighelen, held maar ook een beetje merk, gaf de avond pas echt schwung met analyses op basis van zijn boek “Maak van je merk een held”. Chris Van Roey, voorzitter van de Unie van Belgische Adverteerders (UBA), warmde het Foyer van de Bourlaschouwburg verder op met resultaten van onderzoek onder de eigen leden. Hij riep de overheid op om de massamedia te ondersteunen als hefboom van de economie. Na enkele opmerkelijke verklaringen en beloften door Gabriel Fehervari over de doorstart van EXQI als generalistische televisiezender, gaf Kris Peeters tekst en uitleg bij de toestand van de media over het algemeen en de rode knop en het mediadecreet in het bijzonder. Zoals het een politicus betaamt, woog hij de voor en tegens van onder meer de “content” achter de rode knop af. En hij verklapte dat hij de omzetting van de Europese regelgeving in het mediadecreet wil laten goedkeuren met terugwerkende kracht tot januari dit jaar. Op 19 maart verzamelt Kris Peeters alle spelers van de Vlaamse media voor een Staten-Generaal. Dat vormde meteen de aanzet voor een bij wijlen verhit debat. Helaas gaf de hoofdbeschuldigde, de uitgeverij van De Morgen, niet thuis. Rik De Nolf was in deze maar een povere vervanger omdat hij de enige algemene uitgever is die géén vaste medewerkers ontslaat. Maar zelfs de baas van Roularta schetste een nogal somber beeld van de media en vooral de reclame in ons land. Pol Deltour verdedigde zijn troepen met verve met een pleidooi voor steun aan de media om het democratisch gehalte ervan te vrijweren. Aan het einde van de avond was iedereen het er dan ook gloeiend over eens: Vlaanderen heeft onafhankelijke, objectieve en pluriforme kwaliteitsmedia meer dan ooit nodig. Guillaume Van der Stighelen zei het al aan het begin van de avond: aan het geloof gaat de hoop vooruit. Het is niet anders in de media en reclame.

N.a.v. de VEPEC-avond
"Doet bloot in reclame nog verkopen?"
9 september 2008 in het Fakkeltheater, Antwerpen

Oktober 2008 KMO/PME Magazine:
"Hoe meer bloot, hoe weker de machoman".
Door Christine Huyge

Het Laatste Nieuws, 9 september 2008:
"Bloot in reclame werkt vooral bij macho's".
Door Philippe Ghysens (pdf)

Studio Brussel, 9 september 2008:
Interview met professor Siegfried Dewitte en bijdrage op stubru.be

Radio 1, 9 september, in Vandaag (18u30)
Interview met professor Siegfried Dewitte

N.a.v. de VEPEC-avond
“De Zeurterreur van de JEP”,
6 december 2007 in ’t Arsenaal, Mechelen

AchterhetNieuws.be, december 2007:
"JEP: eerlijk was niet ethisch genoeg".
Door Hans Sterkendries.

De Standaard, 8 december 2007:
“Schieten op de scheidsrechter”.
Door Frederic Petitjean.

De Standaard, 7 december 2007:
“Reclamejury JEP hervormt” + “Dit leidt tot inquisitie”.
Door Frederic Petitjean.

De TIJD, 7 december 2007:
“Consument oordeelt mee over reclame” (over nieuwe werking JEP) + “Vlaamse consument is verstandiger, alerter en verdraagzamer dan we denken (over onderzoek Compagnie) + “Jury voor Ethische Praktijken onder vuur” (over VEPEC-initiatief).
Door Ellen Cleeren.

Radio 1 “Peeters & Pichal”, 7 december 2007:
studiointerview met Ben Decock van Compagnie
n.a.v. opdracht voor VEPEC, en telefonisch interview met Piet Jaspaert, voorzitter JEP.
Te herbeluisteren op www.radio1.be

N.a.v. de VEPEC-avond
“Welkom, kloteklanten”,
op 26 september 2007 in Antwerpen
Kwaliteitskrant, december 2007:
"De klant als noodzakelijk kwaad?" (pdf)
 

Radio 1, 26.09.07: interview met Egbert-Jan Van Bel in “Peeters & Pichal”

Jobat, 29.09.07: “Hoe verniel ik mijn merk?”
door Mark Anthierens

Vorige woensdag, 26 september, organiseerde de Vepec, de Vereniging voor Promotie en Communicatie, een avond rond het fenomeen 'kloteklanten'. Daar kwam Egbert Jan van Bel, de auteur van het gelijknamige boek, uitleggen hoe sommige bedrijven hun klanten als 'noodzakelijk kwaad' beschouwen. Zijn boek is gebaseerd op een onderzoek dat in Nederland werd gevoerd bij 3.100 consumenten, met als belangrijkste conclusie dat één op drie Nederlanders geen enkele positieve ervaring kan noemen met de bedrijven waar men klant is. Op zich is het verbijsterend vast te stellen dat veel bedrijven tegenwoordig de mond vol hebben van klantentevredenheid en CRM, maar dat in de praktijk klantenklachten massaal genegeerd worden. Er wordt nog altijd meer moeite gedaan om nieuwe klanten te ronselen dan om de bestaande klanten tevreden te houden. Volgens mij is dat de beste manier om je eigen merk in de vernieling te helpen. Helemaal interessant wordt het als onderzoeksbureau &Compagnie, dat hetzelfde onderzoek in Vlaanderen deed, vaststelt dat 40 procent van de Vlamingen geen enkele positieve ervaring heeft met merken en bedrijven - dat is bijna de helft. Bijkomend stelt &Compagnie dat de Vlaming minder snel reageert dan de Nederlander, ook als hij ontevreden is. Ontevreden Vlamingen klimmen niet zo snel in hun pen of grijpen niet zo snel naar de telefoon als de meer mondige Nederlanders. Maar het is niet omdat je de klant niet hoort, dat er geen probleem of impliciete klacht is. Als de Vlaming echt niet tevreden is, dan verandert hij gewoon van merk zonder iets te laten weten. Met andere woorden, Vlaamse bedrijven hebben het een stuk moeilijker om naar de tevredenheid van hun klanten te peilen. Alhoewel heel wat onder hen een struisvogelpolitiek voeren, hebben ze juist heel veel te leren van klagende klanten. Tenminste, als ze er iets positief mee doen. © 2007 Jobat.be

Het Nieuwsblad, 27.09.07:
“Vlaamse klant klaagt niet al te veel”.
Door Hans-Maarten Post  

Behandelen Vlaamse bedrijven hun klanten als vuil? Blijkbaar valt het nog mee, zo leert een onderzoek. 'De ontevredenheid zit Vlamingen blijkbaar minder hoog dan Nederlanders, die dat makkelijker uiten.'
'Bedrijven realiseren zich nog niet dat de klant straks dictator wordt'
Nederlander Egbert-Jan Van Bel wilde onderzoeken wat de basis is voor een goede relatie tussen klant en bedrijf. De strateeg van marketing- en adviesbureau Pleon ging op zoek naar positieve ervaringen, maar stuitte bij een onderzoek bijna louter op negatieve ervaringen. Het leidde hem tot het boek Kloteklanten - De klant als noodzakelijk kwaad? 'Het zijn letterlijk de woorden van een commercieel directeur, die mij vertelde dat hij zijn klanten zo noemde en ook zo zag. Bedrijven willen vooral zo vlug en zo veel mogelijk klanten binnenhalen. Wat er daarna met hen gebeurt, interesseert hen niet. Ze verschuilen zich achter websites en callcenters.' 'Daarbij vergeten ze niet alleen dat de klant in wezen koning is. Ze realiseren zich vooral nog niet dat de klant straks dictator wordt. De klant wordt mondiger en gaat zich verzetten als hij zich benadeeld voelt.' 'Ik hoorde van iemand die een energierekening kreeg van 2,4miljoen euro. Toen hij protesteerde, kreeg hij te horen: Eerst betalen, dan discussiëren. De Nederlandse Rabobank heeft leden, geen klanten. Dat is een goede instelling. ' Maar blijkbaar leeft bij de Vlaamse klant die behoefte om zich te verzetten nog niet zo sterk en is hij ook niet zo ontevreden als de Nederlandse. Zo leert een onderzoek in opdracht van de Vereniging voor Promotie en Communicatie. Het werd gisteravond gepresenteerd naar aanleiding van een lezing van Van Bel in Antwerpen. 'Bijna zestig procent van de ondervraagden kan als klant een positieve ervaring omschrijven', stelt onderzoeker Ben Decock. In Nederland lag dat lager, op 51,8 procent. 'In Nederland maakt men er een punt van om ontevredenheid te uiten. Hier ligt die behoefte blijkbaar minder hoog.'

'Kloteklanten - De klant als noodzakelijk kwaad' is verschenen bij Kluwer.  © 2007 Corelio

n.a.v. de VEPEC-avond
“Staat het internet op ontploffen?”

Met Cees Hamelink, 19 juni 2007, Antwerpen  

Het Nieuwsblad, 19.06.07:
‘Wie de wereld wil treffen, moet het internet platleggen’
door Dirk Musschoot

n.a.v. de VEPEC-avond
“Hoe televisiereclame optimaliseren?”

Met Paul Van Niekerk, 15 maart 2007, Leuven
- De TIJD, 18.02.07:
‘Hoe kan televisiereclame effectiever?’
door Frederik Tibau
- AV –Industrie, april 2007:
‘Hoe televisiereclame optimaliseren?’
door Dirk Rasschaert  
* Het Nieuwsblad, 4 februari 2007:
‘Waarom een Snickers in een bruin papiertje zit’
Jan Callebaut over hoe we ons door kleur laten beïnvloeden
door Bart Moerman
 

Paarden blijven langer opgewonden in een rode stal dan in pakweg een blauwe. Het heeft allemaal met psychologie te maken, zegt Jan Callebaut van het marketingbedrijf Synovate Censydiam.

Callebaut hield vrijdag een voordracht over de kracht van kleur voor de Vereniging voor Promotie en Communicatie in Antwerpen. Hij heeft er ook een boekje over gepubliceerd. Wij vroegen hem hoe wij consumenten ons door kleur laten beïnvloeden.

,,Ik ben met kleur bezig van in de jaren zeventig'', vertelt Callebaut, ,,maar het valt me op hoe weinig publicaties daarover bestaan. Mijn centrale stelling is dat alles psychologisch is. Het is de mens zèlf die tot bepaalde waarden komt. Hetzelfde geldt voor merken: alles hangt af van je bereidheid daar iets op te kleven. Wat ik doe is de emotionele territoria schetsen. Kleur helpt tot een bepaalde relatie te komen met een product. Het helpt kijken naar de wijze hoe je de dingen codeert. Kijk naar Spa Rood en Spa Blauw, waar dat rode duidelijk staat voor het parelende, de vitaliteit. Andere waterproducenten volgend die code. Maar Vittel probeert die nu om te keren, door ook rood te gebruiken, om daarmee te zeggen: in ons niet-parelend water zit ook vitaliteit. Je hebt ook conventiekleuren en emotiekleuren. Bij een rood licht stop je, maar bij mooie rode nagels van een vrouw gaat je fantasie niet onmiddellijk stoppen. Je vindt daar ook stabiliteit in. Er is in 2003 in Frankrijk een onderzoek geweest naar de vooroordelen die mensen hebben bij autokleuren. Een rode auto staat dan voor een agressieve chauffeur, groen wordt geassocieerd met een jonge chauffeur, terwijl bruin en oranje met slechte smaak samengaan. In de statistieken van sommige verzekeringsmaatschappijen komen proportioneel zelfs meer ongevallen voor met rode auto's.''

Is dat niet een kwestie van mode? Als ik naar een film uit de jaren zestig kijk, zie ik auto's in toch wel merkwaardige tinten lila of groen.
Callebaut: ,,Absoluut. Maar herinner je je de Eerste Wereldoorlog? Die heeft zich afgespeeld in zwart-wit. Zelfs de Tweede. Dat heeft ook een mentale betekenis. Dat betekent dat er goeden en slechten zijn. Maar de eerste oorlog die ik mij herinner in kleur is die van Vietnam. Daar is niet duidelijk meer wie gelijk heeft. Je beleeft dat in een andere emotionele toon. Mentaal absorbeer je dat anders: die beelden zijn met afstandelijkheid naar ons gekomen: het was al duidelijk wie de winnaar was. Maar als je het beleeft in kleur, met meer detail, heeft het veel meer nuance. De kleurenbeelden van de Tweede Wereldoorlog geven daar toch ook een meer genuanceerd beeld van.''

U verwijst graag naar de theorieën van de Gentse professor Helmut Gaus, die aantoonde dat de rokken omhoog gaan met de economische conjunctuur.
,,Gaus is statistieken gaan aanleggen over de zomerkleur van vrouwen: hij is dat gaan tellen in vrouwenbladen en gaan uitzetten in een golventheorie. Dan zie je dat in de jaren tachtig grijs en zwart dominant waren. Bij zijn nieuwe onderzoek in 2004 vond hij weer veel meer expressieve kleuren. Dat past in een mentaliteitskader. Volgens Gaus hangt zwart samen met periodes van grote angst, terwijl de huidige kleuren samengaan met constructivisme en zelfvertrouwen. De gevaren van oorlog worden niet meer beleefd als totale catastrofes maar als problemen die men moet aanpakken en oplossen. We zijn ons weer aan het afvragen hoe we ons kunnen organiseren en herorganiseren. We hebben ook meer ruimte voor nuance, detail, zelfexpressie. Televisie was op dat gebied al een grote stap vooruit. Vista (het nieuwe Windows-besturingssysteem, nvdr.) is dat nog meer: de kleur is niet langer eenrichtingsverkeer. Het essentiële verschil is de nuance in de kleur. Je krijgt een veelvoud aan uitdrukkingsmogelijkheden en kan meer subtiliteit leggen. Je computerscherm gaat van een cartoonachtige voorstelling naar een meer emotionele vorm van communicatie. Het gaat ook meer stimuleren om levendige actieve beelden te beleven via dat medium, dat geloofwaardiger wordt.''

Is de betekenis die men aan die kleuren hecht cultureel bepaald of des mensen?
,,Mijn ervaring zegt mij dat kleur een cultureel gebonden ding is. Maar er zijn testen met paarden geweest na een wedstrijd: ze blijven langer geëxciteerd in een rode dan een blauwe stal. Er zijn ook experimenten geweest met eenden: hun testikels zijn in rode hokken twee- tot driemaal zo groot als in blauwe. Maar er is ook een andere statistische werkelijkheid: bij volwassenen in West-Europa is blauw de meest geprefereerde kleur. Bij kinderen is dat rood. Maar in Japan zie je een andere sequentie: rood-zwart-wit. Trouwens, geel is bij ons de kleur van de gekken, die vroeger met gele linten rondliepen, maar in Japan is het de kleur van de keizers. Blauw is nu een goedkope kleurstof, maar in de middeleeuwen niet: toen was het nog heel duur om maken, precies daarom was het de kleur van Maria. De protestanten hebben de kleur aan banden willen leggen. Zwingli en Calvijn bepaalden precies welke kleuren men niet mocht dragen. Henry Ford kwam daaruit voort, en maakte zijn auto's zwart om diezelfde ernst te bewijzen, weg van de frivoliteit.''

Wij kennen u als de man die ons het onderscheid leerde maken tussen de Eénkijker en die van Canvas, de zogenaamde meerwaardezoeker. Spelen uw kleuren ook in dat onderscheid?
(lacht): ,,Het logo van Canvas is niet toevallig een vierkant dat perfectie symboliseert, dat van Eén is niet toevallig een rond logo. Als je dat in de oorspronkelijke positionering bekijkt, is dat duidelijk geel, zonnig, vrij naïef, met optimistische kleuren, waar je bij Canvas nog altijd die strakkere kleuren hebt. Het oorspronkelijke vierkant was paars ingekleurd, wat staat voor zekerheid, een overtuiging, een statusgegeven. Dus we hebben dat echt van in het begin meegenomen in de wijze waarop we die zenders aangekleurd hebben. Maar dat is een beetje een enge interpretatie van wat we doen: Censydiam heeft als dochter van het Britse Synovate maar twintig procent van zijn omzet in België, voor de rest zijn wij voor tachtig procent bezig met de strategieën van grote internationale groepen, van Unilever tot Coca-Cola.''

Kan een producent ons misleiden via de kleur die hij gebruikt?
 ,,Misleiden betekent juist of verkeerd. Maar hij kan ons zeker leiden. Als Snickers een bruine kleur gebruikt, en Mars rood en zwart, dan wil Snickers ons wijzen op de nootjes en op de voedzaamheid daarvan, en Mars op de energie. Nochtans liggen hun ingrediënten dicht bijeen.''

En het rood van die Mignonettes voor bij de koffie betekent dan passie?
,,Je mag je fantasie ook niet te veel op hol laten slaan, maar ja, een tractatie, een lustmoment.''

U legt dit zelfs uit aan de hand van sigarettenmerken.
,,Zolang de Marlboro-cowboy er was, heb je met dat rode een klemtoon gezien op dat machismo, die mannelijkheid. Maar zodra de sigaretten lichter moesten zijn, kreeg je het lichtbruine van Barclays, het lichtblauwe ook. Het is ook niet zonder reden dat men in die verbodsregels probeert net de kleur aan banden te leggen en te verbieden. Het is niet zonder reden dat ze die zwarte longen daar nu op zetten. Ze kiezen kleuren, symbolen die zoveel mogelijk voor gevaar staan. In Australië hebben ze vooral gekozen voor het doden van de kleur en de logo's om die te vervangen door tekst.''

Maar ons aanvoelen verandert blijkbaar: op een bepaald moment was het chique om met een bordeaux of zilveren pakje rond te lopen met een gouden of zilveren rand. Een paar jaar later werd dat een teken van slechte smaak.
,,Dat is juist. Sommige vrienden van mij zijn fantastisch op feesten, maar als je ze alle dagen ziet, gaan ze je vlugger vervelen. Hetzelfde met pakjes: de slijtage ervan is enorm. Vandaar dat die zo veel evolueren. Neem Coca-Cola. De zwarte kleur daarvan is geen toeval. Dat zwart was kort na de oorlog een symbool voor de moeders van: pas op, dat zwart, daar zit iets gevaarlijks in. Maar anderzijds was dat voor die jongeren een signaal van: iets wat ik mij kan toeëigenen wat de kloof met mijn ouders illustreert. Dat fel contrasterende rood daarbij zorgde voor een spanningsveld. De basiskleuren zijn nog steeds dezelfde, maar één van de belangrijkste signalen nu is dat geel dat erin zit: dat was vroeger zwart, ook die witte band zat er niet in. Bovendien is het glas weer de standaardfles. Red Bull heeft trouwens geprobeerd dat rode weg te halen uit de Coca-Colasfeer: zij wilden zeggen dat zij de echte energiebrengers zijn.''

Hebben onze politieke partijen de kleuren die bij hen passen?
,,Ik denk niet dat dat bewust zo is, maar dat het emotioneel zo gegroeid is. Het is geen toeval dat de socialisten de rode kleur hebben: dat heeft een culturele betekenis, maar komt uit de strijdbaarheid: de vlag gedrenkt in het bloed van de makkers, als symbool voor het gevecht voor rechten en vrijheid. Het groene van de groene partij is ook geen toeval: dat is een kleurenassociatie met de kracht van de natuur die ze daarin gezocht hebben. Maar internationaal is groen ook de kleur van bier: Freddy Heineken heeft daar bewust voor gekozen tegen de bruine flessen in, een functionele kleur die het beste het zonlicht weerde. Ondertussen zijn Carlsberg en Becks groen, en Stella heeft in het buitenland ook groene flessen: zij volgt de marktleider in de luxebieren met zijn groene flessen. Als je op een nieuw terrein komt, volg je ofwel de bestaande codes, ofwel ga je er tegenin.''

Is er nog een nieuwe kleur te bedenken?
,,In de schakeringen wellicht wel. Vroeger hadden de staalboekjes 258 tinten, nu 258.000 nuances. Blauw bestaat niet meer, er zijn wel een duizendtal schakeringen.''

© Vlaamse Uitgeversmaatschappij NV

 
* De TIJD, 2 februari 2007:
‘De bruinzwarte kleur van een flesje Coca-Cola was lange tijd een verboden kleur’
Marketing Kleuren spelen een bepalende rol in reclame
 

Alle boodschappen die ons via de media bereiken, bevatten grafische elementen waarin kleuren een bepalende rol spelen. Ze vormen het vocabularium van een taal die een belangrijke rol speelt in de wereld van de marketing. Dat stelt Jan Callebaut, de gedelegeerd bestuurder van Synovate.

Oranje staat voor plezier, geel voor levenslust, blauw voor veiligheid, groen voor status en rood voor vitaliteit, althans nu en bij ons in België. Kleurconnotaties verschillen van cultuur tot cultuur, fluctueren in de tijd, en zijn verre van consistent. Iemand met blauw bloed heeft maar weinig affiniteit met een 'blue collar' arbeider, en een blauw humeur hebben betekent weer iets helemaal anders.

 'Het begrijpen van de kleurentaal, in al haar complexiteit en met al haar nuances, is nochtans onontbeerlijk voor de creatie van effectieve merken en bij het opzetten van marketinginstrumenten om die merken te promoten', stelt topman Jan Callebaut van het marktonderzoeksbureau Synovate-Censydiam. Callebaut is al jaren geboeid door de link tussen de wereld van de kleuren en marketing. Vanavond geeft hij een lezing over het onderwerp op een evenement van de Vereniging voor Promotie en Communicatie (VEPEC) in de Antwerpse Bourla.

Volgens Callebaut zijn marketeers zich te weinig bewust van de kracht van kleuren. 'Ze zien een kleur nog te vaak als iets vrijblijvends, als een bijkomstigheid. Terwijl je eigenlijk veel meer systematiek in het werken met kleuren kunt en zou moeten leggen.'

'Een kleur wordt gemaakt door een maatschappij en de betekenis die een samenleving toedicht aan een kleur, is niet overal dezelfde. In China bijvoorbeeld was geel de kleur van de keizers. In Groot-Brittannië was geel dan weer een laffe kleur, en bij ons werd geel gezien als de kleur van de gekken.'

'Uit onderzoek blijkt bovendien dat er grote verschillen zijn in kleurvoorkeuren', gaat hij verder. 'In de VS en in Europa is blauw de favoriete kleur, in Japan wordt rood het vaakst genoemd. In advertenties van het Amerikaanse leger om te gaan vechten in Irak, merk je dat men heel bewust met blauw gaat spelen, omdat die populaire kleur een gevoel van veiligheid creëert bij de geïnteresseerden.'

Nuance
Kleuren zijn niet alleen emotioneel, ze zorgen ook voor nuance en ze zijn een barometer voor het vertrouwen in de maatschappij. 'Op momenten dat nuance belangrijk wordt, wordt ook kleur belangrijk', weet Callebaut. 'Kijk maar naar de mode. In de jaren 90 werd het straatbeeld beheerst door grijze en zwarte tinten. Nu het zelfvertrouwen van de mensen groeit, is dat weer helemaal anders. Ze plooien zich minder terug op het uniforme, op het monotone.'

'Pas op, de huidige populariteit van alle mogelijke kleuren is voor een groot stuk te danken aan het feit dat we ze vandaag veel beter kunnen weergeven. Neem nu het nieuwe besturingssysteem van Microsoft. Waar gaat het om bij Vista? Om meer expressiviteit, meer transparantie en een dubbele gelaagdheid van de kleuren.'

'Apple heeft zich tegenover Microsoft steevast gepositioneerd als een bedrijf dat meer oog had voor de kleurnuance. Dat is ook een van de redenen waarom Apple zo populair is in het creatieve milieu. Met Vista gaat Microsoft dezelfde richting uit en mikt het op de Apple-gebruiker.'
 
Kleuren verkopen
Dat kleuren verkopen, staat volgens Callebaut als een paal boven water. 'Het bruinzwarte van Cola-Cola bijvoorbeeld, werd lang als een verboden kleur gezien. Ouders wilden het niet in huis halen voor hun kinderen, want dat kon toch niet gezond zijn? Jongeren vonden in Cola dan weer een eigen stukje identiteit. Red Bull heeft rood in zijn naam verwerkt, deels om zich af te zetten tegen andere frisdranken. 'Wij zijn vitaal, wij hebben energie', wil de producent van energiedrankjes eigenlijk zeggen.'

Uiteraard zijn er ook merken die op een verkeerde manier met kleuren omgaan. 'Je ziet Coca-Cola toch een beetje twijfelen tussen meer wit of meer rood in zijn campagnes. Die onzekerheid doet het bedrijf geen goed. Commerciële producten zijn altijd statische producten, die door de wijze waarop ze kleur en vorm gebruiken levendig worden gemaakt. Wanneer dat niet op een helder te decoderen en duidelijke manier gebeurt, kan dat nadelig zijn.'  (FT)

© Tijd nv

 
N.a.v. de VEPEC-avond 'Kerk & Marketing'
op 28 november 2006

Fakkeltheater Antwerpen, in aanwezigheid van Kardinaal Danneels
 
Radio & TV
VTM Nieuws - laatavondjournaal 28.11 & middagjournaal 29.11 om 13u, te herbekijken
ATV-regionale TV A'pen: avondjournaal 29.11 & middagjournaal 30.11, te herbekijken
Radio 1 - De Wandelgangen op 28.11, te herbeluisteren
Radio 1 - Voor De Dag op 29.11, te herbeluisteren
Radio 2 - Omroep Antwerpen op 29.11 in Ochtendpost, te herbeluisteren
VRT - Canvas - 'Morgen Beter' op 29.11, met Kathleen Cools en vast panel over 'Kerk & Marketing'
Eén, De Laatste Show, 05.12.06: Frieda van Wijck interviewt Kardinaal Daneels over VEPEC-initiatief en over imago- en reclamecampagne
 
Geschreven pers
De Standaard, 29.11.06, Kan marketing de kerk redden?
deel 1 - deel 2 (pdf)
De Standaard, 30.11.06, De Blijde Boodschap - nieuwe stijl
deel 1 - deel 2 (pdf)

De Standaard, 2 december 2006.
God in deze krant (doc)

Gazet van Antwerpen, 05.12.06, Priesters uit de Schaduw(doc)
Tertio, 06.12.06, Reclame voor God. (doc)
De Tijd, 06.12.06. Kardinale Fout(doc)
Adformatie, 08.12.06, Kerk zoekt klanten  (pdf)
 
Persartikels
n.a.v. VEPEC-persconferentie 14 november 2006

"Geloof in Vlaanderen", marktonderzoek uitgevoerd door Compagnie.
 
Wel God, geen godsdienst
Gazet van Antwerpen/Het Belang van Limburg
ANTWERPEN - Meer dan de helft van de Vlamingen (53,9%) beschouwt zichzelf als gelovig, maar ze vullen dat erg vaag in. Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van de Vereniging voor Promotie en Communicatie (VEPEC). lees meer
 
Gelovige wantrouwt instituut kerk lees meer
De Standaard
 
God is nog steeds onder ons
Knack
De katholieke Kerk kraakt in haar voegen, maar God houdt goed stand in Vlaanderen. Dat leert een onderzoek naar de geloofsbeleving. lees meer
 
God leeft, godsdienst is dood
Het Nieuwsblad
Vlaamse gelovige wantrouwt de Kerk
Meer dan de helft van de Vlamingen, 53%, beschouwt zichzelf als gelovig. Maar 71 procent van hen is er van overtuigd dat hij wordt voorgelogen door de Kerk. Een enquête door onderzoeksbureau Compagnie bracht verrassende resultaten aan het licht. lees meer
 
Helft Vlamingen gelooft in God, maar niet in de Schepper
De Morgen
Brussel -l De kerken leeg, de kroegen vol. Vlaanderen atheïstisch? Toch niet. Meer dan de helft van de Vlamingen zegt zelf gelovig te zijn. Dat blijkt uit een marktonderzoek van VEPEC, de Vereniging voor Promotie en Communcatie, die de kerk in Vlaanderen weer in wil maken. lees meer
 
- VTM-nieuws 14.11.06 om 19u te herbekijken via
- VRT-Journaal 14.11.06: 13u & 19u (geen beelden beschikbaar)
- ATV-journaal 14.11.06 te herbekijken via
- Radio 1 - Lopende Zaken 14.11.06 te beluisteren via
'Anders zijn dan de anderen, daar draait reclame om'
 MARKETING Britse topmarketeer Marc Petersen wikt en weegt eigen en Belgisch reclamesucces
 

25-10-2006, p.17

Frederik Tibau

 
(artikel overgenomen uit "De Tijd") - Als operationele topman van AMV-BBDO, het grootste Britse reclamebureau, was Marc Petersen een van de grote namen die vorige week te gast waren op de uitreiking van de Gouden Welp, de onderscheiding voor de beste Belgische reclamespot. Petersen, die vorige zomer met zijn bureau de Gouden Leeuw van Cannes in de wachte sleepte met een spot voor Guinness, relativeert graag het belang van schoonheidsprijzen en humor in de reclame. 'Het is niet omdat je een award wint, dat je campagne ook effectief is.'
 

Drie Guinness-drinkers aan de bar keren in een razend tempo miljoenen jaren terug in de tijd, tot aan het ontstaan van het leven op aarde, en totdat ze op vrolijke muziek zijn teruggeëvolueerd tot een trio dorstige prehistorische slijkspringers. 'Noitulove' heet de reclamespot voor het Ierse biermerk waarmee de Brit Mark Petersen deze zomer de 'Grand Prix de Cannes 2006' - kortweg de Gouden Leeuw - won. 'Het is niet omdat je deze onderscheiding wint, dat je campagne ook effectief is. 'Het spectaculaire en peperdure filmpje bouwt voort op de slagzin 'Good things come to those who wait', wat slaat op een pint Guinness die onder de tap even tot rust moet komen. Dat is de slogan die het biermerk al jaren gebruikt in zijn imagocampagnes. 'Elf maanden hebben we aan de spot gewerkt', vertelt Peterson, die de eregast was op de verkiezing van de Gouden Welp, het beste Belgische reclamefilmpje van 2006, in Antwerpen. De marketeer werkt al meer dan tien jaar voor AMV BBDO, het grootste Britse reclamebureau, waar hij de contacten met de belangrijkste klanten-adverteerders onderhoudt.

Petersen volgt Guinness al jaren, en kent de Britse biermarkt als geen ander. 'Twintig jaar geleden was de markt niet alleen veel groter, maar dronken de mensen ook anders. 50 procent van alle verkochte biertjes waren donkere bieren. Nu is dat minder dan 20 procent. Als Guinness op zijn lauweren was blijven rusten, was het merk ten dode opgeschreven. We moesten af van het ouderwetse, donkere imago rond de brouwer. In eerdere campagnes hebben we dan ook niet gesproken over donkere of lichte bieren, maar over Guinness.'

Conservatief
'Eigenlijk nam Guinness een enorm risico. De brouwer stak enorm veel geld in een project dat bulkte van de special effects, en waarvan het eindresultaat pas een jaar later zichtbaar was. Als de campagne dan tegenvalt, heb je een probleem. We hadden ook geen referentiepunt. Het gros van de bedrijven denkt conservatief en wil campagnes zien die lijken op beproefde succesformules, maar uiteindelijk heeft het weinig zin om copycat te spelen. Je moet je nek durven uit te steken. Wij vertrekken altijd van de premisse 'hoe kunnen we het anders doen dan de anderen?'.

Mark Petersen won eerder al de Gouden Leeuw, onder meer met een reclamecampagne voor The Economist, en weet waarover hij spreekt. 'Mijn geheim? Dat heb ik niet, maar ik heb het geluk dat ik kan werken met gedreven en getalenteerde mensen. Daarnaast is het  belangrijk dat je luistert naar je klant. Je moet elkaar graag hebben voor je aan grote projecten zoals deze kan beginnen.'

Om een goede relatie op te bouwen met de adverteerder, moet er volgens Petersen wederzijdse overeenstemming zijn over de richting die de campagne moet uitgaan. 'Leer ook stappen voor je begint te lopen. Ter voorbereiding van de Noitulove-spot lanceerden we kleine, tactische teasers, die al min of meer illustreerden waar we naartoe wilden. Zo bouw je een vertrouwensband op met je klant, en toon je dat je bezig bent met zijn zaak.'

Lachspieren
Volgens Petersen kan goede marketing maar één doel voor ogen hebben, en dat is dat de consument aangespoord wordt om het desbetreffende product in huis te halen. 'Goede reclame is er niet om te entertainen', klinkt het nog. 'In Antwerpen zag ik veel Belgische spotjes die op de lachspieren werkten, maar ik betwijfel of ze het publiek aanzetten om meer producten te kopen. En de Gouden Leeuw winnen op Cannes betekent niets als je spot niet effectief is.'

Op de biermarkt is het erg gemakkelijk na te gaan of een campagne werkt of niet. 'Guinness heeft een dekking van 100 procent in het Verenigd Koninkrijk, en de prijs is de laatste jaren dezelfde gebleven. Wanneer de consument dus plots meer begint te drinken, kan je dat volledig op het conto van de reclamecampagne schrijven.'

De reclamemaker laat overigens niet na een kanttekening te plaatsen bij de winnaar van de Gouden Welp, die vorige woensdag werd uitgereikt: de 'Humo liegt'-campagne van De Mortierbrigade. 'Het waren zonder meer de filmpjes die het meeste op de lachspieren werkte, en dat is een goede start, maar ik kon de link niet altijd zien tussen de entertainmentwaarde en het weekblad dat in de spotlights gezet werd. Als je naar de spotjes kijkt die in Cannes echt meedingen naar de hoofdprijs, merk je dat humor maar een beperkte rol speelt.'

Verontrustend
'Persoonlijk vond ik dat het Belgische spotje van Artsen Zonder Grenzen, 'Human Ball', er met kop en schouders bovenuit stak. Het was anders dan de rest, erg intelligent, verontrustend en relevant. Idem dito voor de campagne met de 'onzichtbare man' voor de CD&V. De andere inzendingen scoorden hoger voor comedy, maar opnieuw: ik weet niet of ze de consument wel overtuigen.'

'Wanneer je een mopje één keer hoort is het grappig, een tweede keer ook, maar na vijf keren ben je het beu. Eén en ander werd goed opgevangen door de marketeers achter de Humo-campagne, omdat ze met verschillende spotjes werkten, en met verschillende karakters. Maar idealiter zou hetzelfde filmpje bij de tweede visie nog beter moeten zijn dan bij de eerste. Een goede spot heeft een lange levensduur. Daarvoor moet alles juist zitten: de muziek, de entertainmentwaarde, de relevantie, de toon, tot en met de details die je pas na enkele keren kijken opvallen. De kijker moet meegezogen worden. Reclame is geen kunst, maar je moet de consument wel op verschillende niveaus aanspreken. Een goede slagzin of een grappige twist volstaan niet.'

De spots die in Cannes met de hoofdprijzen gingen lopen, waren stuk voor stuk peperduur. Maar zeker in een klein land als België kan niet zomaar elk bedrijf gigantische budgetten vrijmaken om spectaculaire filmpjes te laten inblikken. 'Dat klopt', zegt Petersen, 'en wanneer je met kleine budgetten moet werken, is humor vaak een dankbare manier om het gebrek aan financiële middelen te compenseren. Daarom wil ik niet neerbuigend doen over wat ik te zien heb gekregen. Er zaten frisse en levendige campagnes tussen de Belgische inzendingen, die goed uitgewerkt waren. Het is duidelijk dat de sector leeft.'FT

www.amvbbdo.co.uk

 © Uitgeversbedrijf Tijd NV

De Gouden Welp, beste Belgische reclamespot 2006,
voor “Humo Liegt” van De Mortierbrigade
PERSBERICHT 18 oktober 2006
In de Arenbergschouwburg werd op 17 oktober  
'De Gouden Welp'
uitgereikt aan De Mortierbrigade voor de beste Belgische reclamespot 2006.
 
 
Het 400-koppige VEPEC-publiek koos de ‘Humo Liegt’-reclamespot uit 46 Belgische inzendingen die eerder deze zomer ingezonden werden voor de ‘beste reclamefilms van Cannes 2006’. Tweede werd reclamebureau DGB met de sensibiliseringsspot

‘Human Ball’ voor Artsen Zonder Grenzen en derde werd LG&F met ‘The Island’ voor het vodkamerk Eristoff. Vorig jaar werd de Gouden Welp toegekend aan 'Studio Baptiste' van reclameadviesbureau Duval-Guillaume Antwerpen.

Het publiek in de Arenbergschouwburg koos dus -per sms- één winnaar tussen alle 46 Belgische inzendingen van Cannes 2006, en kreeg na de verkiezing ook alle beste internationale reclamespots van Cannes 2006 te zien, de zogenaamde Bronzen, Zilveren en Gouden Leeuwen. Eregast te Antwerpen was dan ook de Britse reclamemaker Mark Petersen, director van het Londense AMV BBDO, die deze zomer de “Grand Prix de Cannes 2006” won met de reclamespot "Noitulove" (lees: Evolution) voor het biermerk Guinness. Hij becommentarieerde de verschillende fases in creatie en productie alsook de samenwerking met de klant Guinness voor een spot waaraan uiteindelijk 11 maanden intensief werd gewerkt en waarvoor zowat 300 scripts werden geschreven.

Humo Liegt’, de winnende Gouden Welp 2006, is ontsproten uit het creatieve teamwork van De Mortierbrigade o.l.v. Jens Mortier en van regisseur Jan Eelen (o.a. bekend van Het Eiland, In de Gloria, Vaneigens) en acteur Tom Van Dijck (o.a. Het Eiland, De Parelvissers). Zij filmden met een beperkt budget een 5-tal spotjes als aankondiging van de resultaten van de Humo-Jongerenenquête. In fictieve straatinterviews gaat een oerconservatieve maatschappelijk werker -rol van Tom Van Dijck- tekeer tegen de verloederde jeugd: gezondheid, leven na de dood, dominante vrouwen, mompelaars, lesbische liefde, piercings, vegetariërs, sex voor het huwelijk… de jeugd heeft geen waarden noch principes meer. Hij “enquêteert” aanvankelijk kalm over sex, werk, gezondheid, vrije tijd, religie, maar wordt steeds ontvlambaarder, tot de jongeren verbouwereerd van hem weglopen.
o.a. hier te bekijken.

De VEPEC-leden (Vereniging voor Promotie En Communicatie) komen uit de wereld van reclame, marketing, events, P.R., drukkerijen en uitgeverijen. De Gouden Welp werd voor de 10e keer uitgereikt en is dit jaar een schilderij van de Limburgse kunstenares Katrien Caymax die een leeuwenwelp verwerkte op doek.

LINKS TV-reportages 

-

VRT-journaal -17.10.06 - 23u zie via deze link + aanklikken op "video"

- TV-reportage op www.zoomin.tv onder de titel “Gouden Welp voor Humo liegt-campagne”.
- http://www.standaard.be/Nieuws/Webtv/ en 
- http://www.nieuwsblad.be/webtv/
-

met externe link naar de Humo-filmpjes

“De macht van public relations op de media
is een g
evaar voor onze democratie!”
Anne Gregory in de Standaard

klik op de beelden voor vergroting

word
 
 
PR-goeroe Anne Gregory stelt pr én pers aan de kaak. (PUB)
Hoe Honda zijn imago transformeerde van saai en doods
in humaan en gedreven.
Interview van Simon Thompson van Honda

Interviewer is Mark Anthierens
Verschenen in  PUB nr. 19
Klik de onderstreepte headline aan en u krijgt het interview te zien,
zoals het integraal verschenen is in PUB nr. 19.

Beste Belgische reclamespot bekroond

De Gouden Welp, beste Belgische reclamespot 2005, voor "Studio Baptiste"

"Studio Baptiste" van reclameadviesbureau Duval-Guillaume Antwerpen, is door een 600-koppig VEPEC-publiek bekroond met "De Gouden Welp" als beste Belgische reclamespot 2005. Het is een reclamespot voor Studio Brussel, met een dorp in Burkina Fasso als locatie. Een jury van hoofdredacteurs van Vlaamse kranten kende de persprijs toe aan "Lover", een spot ter promotie van Belgacom door Duval-Guillaume Brussel.

De VEPEC-leden (Vereniging voor Promotie En Communicatie), uit de wereld van reclame, marketing, events, P.R. en uitgeverijen, kozen dus "Studio Baptiste" uit de 37 Belgische inzendingen die deze zomer ingezonden voor de beste reclamefilms van Cannes 2005 plaatsvond. Duval Guillaume Brussel en LG&F kaapten daar als enige Belgische reclamebureaus al 'Cannes Lions' weg.

Studio Baptiste, de winnende "Gouden Welp 2005", is ontsproten uit het brein van Geoffrey Hantson (0473/980.345) & Dirk Domen, de creatieve denktank van Duval-Guillaume Antwerpen.

Zij filmden in Burkina Fasso waar op minder dan een week tijd 8 spotjes werden ingeblikt met telkens een variant op het thema. Daarvan werden er 5 op TV uitgezonden en 3 uitgestuurd naar Cannes.

Het verhaal: Babtiste, gespeeld door de acteur Joseph Tapsoda, keert na 5 jaar verblijf in Brussel terug naar zijn geboortedorp Bassi Bourré in Burkina Fasso. Daar belooft hij zijn dorpsgenoten een verrassing waar iedereen energieker en gelukkiger van wordt. Het dorp zal er nooit meer hetzelfde uitzien. Hij houdt woord. 's Morgens om 6 uur wekt hij het hele dorp met muziek die uit zijn Studio Baptiste-draaitafel schalt. Het hele dorp raakt in een positieve commotie en neemt een heleboel initiatieven. Baptiste krijgt concurrentie en men kopieert zelfs zijn Studio Baptiste-logo (visueel identiek als het Stubru-logo). De link met de eigenzinnige muziek van Studio Baptiste/Studio Brussel wordt ook duidelijk wanneer Baptiste 3 lokale rappers wegstuurt die "te commercieel klinken".

Geoffrey Hantson & Dirk Domen: "We hadden de keuze van het VEPEC-publiek niet echt verwacht omdat de spot al dateert van 2004. Maar aan de andere kant ook weer wel. Blijkbaar zijn ze Baptiste niet vergeten. Het is een spot die rechtstreeks naar het hart grijpt: het gaat om een idee dat een heel dorp opnieuw tot leven wekt en dat refereert naar herkenbare warme, menselijke verhoudingen, waaraan we die typisch Afrikaans-humoristische ondertoon toegevoegd hebben."

De winnaars ontvingen voor "Studio Baptiste" dus De Gouden Welp, een beeldje van kunstenaar Koenraad Tinel. Het VEPEC-publiek koos als 2e beste 'Gay' de Donna-spot van LG&F waarbij een jongeman zijn ouders onverbloemd zingend en dansend duidelijk maakt dat hij 'gay' is, begeleid door 2 opduikende zielsgenoten. Zijn ouders zijn daarbij eerder onder de indruk van zijn showoptreden en wiegen gewoon mee op de muziek. Op de 3e plaats kwam "It's a Boy" van LG&F, voor SN Brussels Airlines. Het personeel heeft zo'n hart voor zijn passagiers dat ze een pas geworden vader verrassen vanuit zijn vliegraampje door op de start en -landingsbaan de letters "It's a Boy" te vormen met hun lichaam.

 

Voor meer informatie over de werking en doelstellingen van VEPEC, bezoek de website www.vepec.be of contacteer Jan Bax op het nummer 014.-41.57.21.
Voor meer informatie over de lidmaatschapsformules, contacteer Hilde Geerts op het nummer 014.61.29.71.